De moleculaire structuur van de polyol is de meest bepalende grondstofparameter voor de veerkracht van het eindproduct. Polyolen worden gekarakteriseerd door drie sleuteleigenschappen: functionaliteit, molecuulgewicht en hydroxylwaarde.
Functionaliteit geeft het aantal reactieve hydroxylgroepen per molecuul. Een hogere functionaliteit, doorgaans 3 tot 4 voor HR-koudschuim polyolen, geeft meer vernettingspunten per molecuul en daarmee een dichter en veerkrachtiger netwerk.
Molecuulgewicht beïnvloedt de ketenlengte tussen de vernettingspunten, de meshet-lengte. Een hogere meshet-lengte, langere keten tussen vernettingspunten, geeft een flexibeler maar minder stevig netwerk. Een kortere meshet-lengte geeft hogere hardheid maar lagere elasticiteit.
De hydroxylwaarde, uitgedrukt in mgKOH/g, is het omgekeerde van het molecuulgewicht: hoge OH-waarde betekent lage molecuulgewicht en meer vernettingspunten per kilogram.
De kwaliteit van de polyol, de zuiverheid van de grondstoffen en de controle over de syntheseparameters, is bepalend voor de consistentie van het eindproduct. Schuimfabrikanten met strikte toleranties van 3 tot 5 procent kunnen dit alleen bereiken met polyolen van hoge en consistente kwaliteit.